NMF Groningen Samen voor een mooi en duurzaam Groningen.
Menu
Tour du boer: Dag 2

Tour du boer: Dag 2

Het is dag 2, en net als gisteren staan drie adressen op de agenda. Om acht uur ben ik welkom op de Proefboerderij Kollemerwaard van Stichting Proefboerderijen Noordelijke Akkerbouw (SPNA). Paspoort mee, want ik begeef me hier een paar honderd meter over de grens in Friesland! Gelukkig komt Michiel Bus, de uitvoerend bestuurder van de SPNA, uit Ol’ Pekel dus kunnen we gewoon Nederlands praten. Het is wel lekker vroeg, en dat komt omdat verslaggever Nico Zwart van RTV Noord ook even een item met ons beiden wil maken.

Teeltonderzoek
Michiel vertelt dat de SPNA twee proefboerderijen heeft. We zijn nu bij één, de ander staat in Ebelsheerd met een focus op graan. Deze in Kollumerzwaag houdt zich vooral bezig met pootaardappelteelt. Naast praktijkonderzoek naar rassen, ziekteresistentie, bestrijdingsmiddelen, bemesting, etc., is het ook gewoon een productiebedrijf met in totaal 50 hectare biologische landbouw en 80 hectare gangbare landbouw. Nico concludeert: een lab op een weiland.

Fytoftora
Natuurlijk is de aardappelziekte Fytoftora een niet te vermijden onderwerp van onderzoek en wordt er naarstig gezocht naar een oplossing voor deze zeer besmettelijke en agressieve ziekte. In Groningen wordt vooral pootaardappelen in het Noorden en zetmeelaardappelen in de veenkoloniën geteeld. Het onderzoek spitst zich toe op efficiëntie teelt, maar ze willen ook vooral een bijdrage doen voor meer vitale en gezonde teeltsystemen en reduceren van bestrijdingsmiddelen en meststoffen. Michiel Bus merkt dat boeren hier ook steeds meer in geïnteresseerd zijn.

Natuurinclusief op de proefvelden
Interessant is het onderzoek op projectbasis. Voor de ontwikkeling van natuurinclusieve landbouw is een specifiek project leuk om ook even van dichtbij te bekijken. We springen in de auto en kijken uit over een wat kaal perceel en een stuk wat volgens Nico lijkt op een veld met onkruid. Het blijkt klaver te zijn. Michiel Bus vindt dit een revolutionaire proef. Hier wordt namelijk niet bemest, niet geploegd, niet gespoten, en niet met trekkers van drie meter breed over de teeltbedden gereden. Op vijf hectare wordt gerouleerd in 6 blokken voor de vruchtwisseling.

Bodemverbeteraars
Klavergewassen worden ingezet als groenbemester. Deze plant heeft de geweldige eigenschap dat het stikstof uit de lucht bindt en in de bodem beschikbaar stelt aan andere planten. Na de oogst wordt dit vaak gezaaid, men laat het even groeien en voor het zaaien van een nieuw gewas wordt het weer omgewoeld in de bodem. Gelukkig wordt dit steeds meer toegepast, ook in de reguliere landbouw.

De klaverplant is de spiegel van de bodem, aldus Michiel Bus. Dat bodemleven, structuur en processen van essentieel belang zijn wordt steeds duidelijker. Toch is hier nog spectaculair weinig over bekend. De natuur laat zich niet gemakkelijk vangen. Biodiversiteit in de bodem is ook van belang om spoorelementen en mineralen door planten te laten opnemen. Hij ziet dat de productie hier na zes jaar behoorlijk op peil is gebleven, ondanks dat er dus niet bemest wordt.

Ploegen funest
Michiel denkt dat het bodemleven actiever is geworden en dat het daardoor beter voedingsstoffen kan vrijspelen. Het lijkt ook dat het bodemleven hier verandert van meer bacteriën naar meer schimmels, en dat ze een grote rol spelen. Schimmeldraden komen alleen in meerjarige bodems voor, want deze hebben tijd nodig om te groeien. Ploegen zou dus funest zijn.
Later zit ik weer met Michiel Bus alleen aan tafel en praten we door over hoe natuurinclusieve landbouw toekomstbestendig kan worden. Dat het moet, is evident, landbouw zal zich moeten schikken naar andere maatschappelijke wensen.

Puntensysteem
Michiel denkt dat het belangrijk is om een keurmerk op te zetten met een puntensysteem. Om te voldoen aan het keurmerk natuurinclusieve landbouw kunnen boeren een betere prijs krijgen voor hun product als ze punten behalen voor natuurinclusieve maatregelen. Door de veelheid aan keurmerken (SKAL voor biologisch en Demeter voor biologisch dynamisch bijvoorbeeld) moet dit wel een sterk en onderscheidend merk zijn.

Waddengoud
Ook in de afzet gebeuren leuke dingen waarmee de boer een betere prijs krijgt voor zijn product. Veel biologische boeren vermarkten streekproducten met een zelf opgezet merk, zoals Waddengoud. Ook de Streekboer is een mooi initiatief. Toch blijft dit een niche, denkt Michiel Bus, en hij gelooft niet dat dit significant gaat toenemen. Gevaar is ook dat de echte ondernemers niet aansluiten bij een streekmerk, maar vooral de idealistisch gedreven boeren en tuinders, en dat zijn er weer een stuk minder.

Rol van inwoners
Als ik vraag naar de rol van inwoners ziet hij dat mensen graag roepen hoe belangrijk het landschap is, maar zich er niet financieel verantwoordelijk voor voelen. Vraag inwoners van het Westerkwartier naar een bijdrage voor het landschap en ze geven niet thuis. Het zal lastig worden om die band weer te herstellen.

Het stelsel van agrarisch natuurbeheer lijkt hem niet de manier om de integrale natuurinclusieve landbouw uit te rollen, omdat de agrarische collectieven weinig sturing hebben in bredere zin, bijvoorbeeld als het gaat om predatie en grondwaterpeil.

We praten nog even door over voedselbossen en dan ga ik weer op pad. De dag is inmiddels flink opgewarmd en ik fiets vanuit Zoutkamp met de wind in de rug door de uitgestrekte velden ten noorden van Zoutkamp.

Waddenmax
Als het landschap iets kleinschaliger lijkt te worden en oude dijken in het landschap opdoemen kom ik aan bij mijn volgende adres: Waddenmax te Hornhuizen. Door vader Max worden hier vanaf 2002 biologisch dynamisch koeien gehouden op 80 hectare grond, met name voor de melk. Ze maken sinds 2006 eigen zuivelproducten die als streekproduct worden verkocht. Een vriendelijke man stapt van de trekker. Het is Ben, de zoon van Max. Hij heeft het bedrijf overgenomen en neemt me direct mee voor een rondleiding.

Biologisch dynamisch
Ik vraag naar de term biologisch dynamisch (BD), wat voor mij altijd wat mystiek is gebleven. Het concept is bedacht door de Oostenrijkse filosoof Rudolf Steiner, die de natuur zag als een overal verbonden geheel. Hij was bezorgd over de net (begin vorige eeuw) uitgevonden revolutie in de landbouw: kunstmest. Hij ontwikkelde een concept voor zelfvoorzienende landbouw met een sterke focus op de samenhang tussen dieren, planten, bodem en de kosmos. Nederland kent 122 bedrijven die het keurmerk hiervoor mogen dragen: Demeter. Dit staat duidelijk op de producten en ziet u vooral bij de bio-winkels liggen. De boeren krijgen hiervoor een mooie prijs, die significant hoger ligt dan reguliere melkproductie.

Met Ben loop ik naar de ruimte waar hun zuivel wordt gemaakt, door zijn vrouw en zijn moeder, en ik zie daar lekkende zakken hangen. Kwark, zegt Ben, die ze een keer per week maken. Ook kaas, yoghurt en karnemelk maken ze zelf. Deze worden grotendeels verkocht in de omgeving.

Kringloop
Ik ontmoet ook Ben’s vader, Max, die de rondleiding overneemt. Hij neemt me mee naar de potstal, waar ze de koeienmest mengen met stro. De kringloop staat hier centraal. Het mengsel wordt drie keer per jaar gecomposteerd en als vaste mest uitgereden op het land. Ze maken zelf het voer, met ook eigen krachtvoer. Weidegang is ook belangrijk. Kalfjes krijgen nog drie maanden moedermelk en de koeien behouden hun hoorns. Geen probleem, zegt Ben later daarover. Je stalruimte moet wel lekker ruim zijn. Er komt meer kijken bij de biologisch dynamische aanpak; zo is ook het werken met de zaaikalender van belang, en worden zo nu en dan een complex systeem van kruidenmengsels in afgevallen koeienhoorns gestopt, die vervolgens worden ingegraven in de grond op het erg. Er zijn ook BD boeren die veel praten met de koeien. Ben heeft daar weer wat minder mee, maar zo kan elke BD boer zijn eigen koers varen. Wel komen BD boeren vaak samen voor informatie uitwisseling.

Grauwe kiekendief
Met Max fiets ik door de oude dijk naar hun land dat daarachter ligt. We zitten vlakbij de kwelders. Hij laat zien hoe ze voor de kruiden zorgen en vertelt dat ze samenwerken met collectief Midden Groningen. Ze krijgen een vergoeding voor een grote akkerrand die ze in drie stroken op verschillende tijden maaien voor een constant aanbod van nestgelegenheid en voedsel voor de vogels. Een strookje blijft in de winter staan. Dit jaar hadden ze zes paartjes veldleeuweriken en de grauwe kiekendief komt af en toe langs. We zien een torenvalk en een buizerd loeren naar muizen. Akkerdistel wieden ze met de hand, om verruiging in de rand tegen te gaan.

Blauwborsten gesignaleerd
Het collectief probeert de akkerranden op elkaar aan te laten sluiten. Ik zie dat de sloten vol staan met riet. Dat maaien ze niet vaak, en met resultaat: ze kregen te horen van het collectief dat daar blauwborsten zijn gesignaleerd. We fietsen terug en Max ziet dat de koeien geen last hebben van de inmiddels drukkende deken van warmte. Ze staan lekker in de wind. Ik word uitgenodigd voor het het middageten, dat hier nog warm wordt gegeten. Met Ben en zijn vrouw Mieke praten we door over de reguliere landbouw en duurzaamheid. Wat een gastvrijheid aan de rand van de Waddenzee! Helaas moet ik weer door, naar het laatste adres van vandaag.

Landgoud
Ik fiets verder door het Hogeland en beland in één van de mooiste gebieden van Nederland. Kronkelende weggetjes, grote boerenschuren met prachtige voorhuizen en tuinen. De verkaveling is hier niet zo groot, anders dan wat je tegenwoordig vaak ziet in akkerbouwgebieden. Ook de boerderij van Landgoud is van grote schoonheid. Zorgvuldig opgeknapt door Ale Havenga, de boer op deze mooie plek bij Kloosterburen. Hij runt Landgoud vanaf 1981 en vanaf 2002 als biologisch landbouwbedrijf. Hij wilde niet meer onderdeel uitmaken van de reguliere landbouw. Hij noemt het ‘substraatteelt gecorrigeerd met een chemokuur’. Die moet even indalen bij mij. Het is landbouw ondanks de natuur in plaats van landbouw met inachtneming van de natuur.

Lol in bio
Bovendien is de reguliere manier van werken voor hem veel te saai. Hij kreeg in 2002 de lol weer in het boeren, en begon naast wat reguliere akkerteelt zoals bieten en aardappels met verschillende gewassen zoals witte aalbes, mosterdzaad, hop, winterpeen, baktarwe en spelt. Dit wordt grotendeels in de buurt verwerkt tot mooie producten zoals vruchtenwijn en bessensap, speltkoeken, mosterd en Gronings bier. Ale Havenga is parttime boer en parttime taxateur. Het was bijna niet gelukt af te spreken omdat hij misschien aan het oogsten zou zijn. Toch waren de omstandigheden niet ideaal en zitten we nu mooi in de tuin. Margot Faber van de provincie is ook weer aangeschoven, nieuwsgierig naar dit bedrijf.

Gevarieerde teelten
Het valt direct op hoe complex zijn bedrijfsvoering is met de verschillende gewassen. Het vereist maatwerk, en speciale kennis. Ale Havenga werkt graag samen maar is ook eigengereid. Bioboeren moeten veel zelf uitvinden en hij heeft bijvoorbeeld een speciale oogstmachine van 50 jaar oud en een vingerwieder. Een veelheid van gewassen is niet alleen passie, maar ook noodzakelijk voor de vruchtwisseling die wordt vereist bij biologische landbouw. Elke zes jaar rouleert de teelt naar een ander perceel. Direct is duidelijk dat dit in goede handen is bij Ale, je merkt dat elke teelt zorgvuldig en met veel kennis wordt uitgevoerd. Hij maakt veel gebruik van loonwerkers. Inhoudelijke ondersteuning heeft hij in het netwerk Biowad. Biologisch aardappels telen is nog steeds erg moeilijk. De spelt is een soort oerspelt met specifieke eigenschappen, het smaakt nootachtig. Als we later rond het bedrijf lopen zien we de gekke hoge teelt van hop voor het bier dat door zijn zoon in de stad wordt gebrouwen. Hop groeit tot 20 meter hoog. De vrouwelijke bellen kunnen over twee weken worden geoogst.

Ale Havenga maakt zich zorgen om bestrijdingsmiddelen en de hele industrie die er bij hoort. Boeren spuiten zeer veel op de aardappels tegen Fytoftora, luis en schimmel. Round-up is het middel wat hier enorm veel wordt gebruikt. Het waterschap krijgt het niet meer uit het water gezuiverd, en dus zit het glyfosaat (de werkende stof van Round-up) in onze lichamen.

Natuurinclusief
Het bedrijf ziet er picobello uit, en overal is aan de dieren gedacht. Hij vertelt het terloops, maar ik vond het een mooie gedachte dat hij oogst naar behoefte. De rest laat hij hangen. Er staan zonnebloemen voor de Putters. Ook de slootkanten maait hij om en om, met als resultaat een hoge dichtheid Rietzangers en Blauwborsten in de rietkragen.

“Fascinerend hoe je een biotoop creëert door één slootkant niet meer te maaien”

Fascinerend hoe je een biotoop creëert door één slootkant niet meer maaien. Daar was wel een ontheffing voor nodig bij het waterschap, die kale slootkanten wil voor de afwatering. Nu zijn ze zo enthousiast dat ze de werkwijze ook elders inzetten. Het riet zuivert ook het water en zorgt juist voor minder belemmering van de waterdoorgang omdat het riet over de sloot valt en zo de groei van vlotgras tegenhoudt. Ze kregen uiteindelijk subsidie van de provincie voor onderzoek.

Ploegen het liefst zo ondiep mogelijk
Ook agrarisch natuurbeheer werd hier uitgevoerd met negen meter brede zogenaamde trioranden, die ook bij Waddenmax werden toegepast, en op drie verschillende momenten in het jaar werden gemaaid. Dit werd helaas stopgezet, ondanks het succes. Ale heeft nog wel randen van drie meter breed, maar wil daar geen subsidie voor zodat het geen verplichting is. Hij heeft een gebiedseigen akkerrandenmengsel en maait ze wanneer hij dat wil om de melkdistels tegen te houden. Hij gebruikt klaver en soms Luzerne als groenbemester en de vaste potstalmest van Waddenmax waar hij weer stro aan levert. Een gezonde bodem is belangrijk. Hij gebruikt vaste mest en spuit met algenextract. Ploegen doet hij liefst niet, en als het moet zo ondiep mogelijk.

Streekproducten
Als biologische producent krijgt hij een veel betere prijs dan bij gangbare teelt. We bewonderen zijn ontvangstruimte en alle producten staan hier uitgestald. Hij kijkt altijd naar nieuwe manieren om zijn afzet te regelen, en ontwikkelt veel streekproducten, ook in samenwerking. De mosterd van Marne krijgt waarschijnlijk een biologische variant met een oorsprong die niet in Canada of Oekraïne ligt, maar dus weer als vanouds in het Hogeland.

Ale is bezorgd over het belang van de kostprijs ten opzicht van kwaliteit. We praten door over agrarisch natuurbeheer, Fytoftora, gentechnologie en bedrijven als Monsanto en de farmaceutische industrie. Ik stap weer op, bedank Ale hartelijk en neem weer afscheid van Margot.

Diek’n op het Hogeland 

Voor mijn overnachtingsadres camping De Maarlandhoeve in Uithuizen moet ik nog even een flink eind fietsen. Met de wind in de rug zoef ik boven Pieterburen langs de dijk tussen de makke schapen door en steek daarna iets meer landinwaarts. Bij een kruising worden we resoluut herinnerd aan de dijkenbouwers: ‘Dei nait wil diek’n mout wiek’n’. Geen speld tussen te krijgen, lijkt me. Ik rijd kilometers langs een oude dijk bij de Noordpolder en ben verrast door de natuur rond de kleine percelen bij deze dijk. Honderden putters, gele kwikstaarten, ijsvogels en bruine kiekendieven vliegen me rond de oren. Ik ruik de zee hier nog steeds, maar ook de lucht van varkensmest komt hier veel voorbij. Brabantse varkensboeren kunnen hier op het Groningse land deze streekproducten nog goed afzetten.

Voor de regen lig ik in mijn tent en bereid mij voor op de adressen van morgen: Waddenvarkens en Eikemaheert!

Lees hier mijn blog van dag 3. 

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief en ontvang het laatste natuur- & milieunieuws in uw mailbox:
Inschrijven
Volg ons via social media  
 
Wij worden gesteund door:
Nationale Postcode Loterij
CBF