Interview: ‘Over twintig jaar is Groningen een heel andere provincie. Maar niet per se slechter’

21 februari 2020

Interview: ‘Over twintig jaar is Groningen een heel andere provincie. Maar niet per se slechter’

Interview DvhN met Jan-Willem Lobeek (directeur NMG)

Gerdt van Hofslot van het Dagblad van het Noorden interviewde Jan-Willem Lobeek, directeur van de Natuur en Milieufederatie Groningen over de (ruimtelijke) veranderingen die de provincie Groningen te wachten staan: ‘de slag om de ruimte is al volop bezig’.

Groningen gaat grondig veranderen de komende decennia. Om dat in goede banen te leiden is volgens Jan-Willem Lobeek van de Natuur- en Milieufederatie Groningen regie cruciaal.

,,De grootste bedreiging voor Groningen is dat we alles wat de komende jaren moet gebeuren niet gecoördineerd doen. Dus al die vraagstukken los van elkaar behandelen. Dan wordt het een onsamenhangend geheel. Je moet de problemen niet één voor één oplossen, maar tegelijk. De veranderingen die je aanbrengt, moeten gecoördineerd en slim worden uitgevoerd. En betrek de bevolking erbij’’, zegt directeur-bestuurder Jan-Willem Lobeek van de Natuur- en Milieufederatie Groningen (NMG).

Dat laatste is onmisbaar, aldus Lobeek (51). Zonder draagvlak wordt bijvoorbeeld de energietransitie lastig. Die les leert de komst van de omstreden windparken in de Veenkoloniën.

Miljoen bomen

De NMG kreeg vorig jaar bericht dat de organisatie een forse donatie van de Nationale Postcodeloterij krijgt om een slordige miljoen bomen in Groningen te planten. Daarmee kan zowel een bijdrage aan de biodiversiteit worden geleverd als aan het opvangen van CO2. Is al bekend waar die bomen de grond in gaan?

Nee, zegt de directeur. Er wordt gepraat met onder meer de provincie, die een plan heeft gelanceerd om zo’n 950 hectare nieuw bos in Groningen aan te planten. ,,We hebben zelf geen grond, dus we moeten praten met anderen.’’

Hij denkt nadrukkelijk ook aan de verfraaiing van bedrijventerreinen. ,,Die zijn vaak nogal kaal. Door ze te vergroenen, kun je iets doen. De gemiddelde ondernemer is daar niet zo mee bezig, maar we willen ze er wel bij betrekken.’’

Zo’n twee jaar werkt Lobeek nu bij de Natuur- en Milieufederatie Groningen, een relatief kleine club met een dozijn medewerkers. Maar ze hebben wel met ambitieuze doelstellingen, op het gebied van klimaatverandering, biodiversiteit en duurzaamheid.

In beweging

,,We doen niet alles zelf, we zijn meer aanjagers van processen. We proberen een hefboom te creëren, zodat mensen door ons werk in beweging komen. Als ik door tien mensen in te zetten duizenden anderen in beweging krijg, zijn we effectief’’, aldus Lobeek.

De NMG geeft voorlichting en praat mee op allerlei plaatsen. ,,We proberen mensen een beeld voor te houden hoe de energietransitie vorm kan krijgen en ze te verleiden mee te doen. Groningen heeft nu de hoogste dichtheid van energiecorporaties in ons land.’’

Hij heeft het maatschappelijke tij natuurlijk mee. Lobeek aarzelt. ,,Je ziet ook een tegenbeweging. Er is een vrij grote ontkenningsslag gaande. In de stikstofcrisis heb ik mensen horen roepen: het is geen probleem. En de klimaatverandering komt niet door de mens, hoor je ook. Dan denk ik: we roepen dit niet omdat we het leuk vinden, we zien op basis van wetenschappelijke feiten dat dit aan de gang is.’’

Oplossing

Om de ingewikkelde stikstofkwestie op te lossen, kan er volgens hem niet aan de boer voorbij worden gegaan. ,,Die is onderdeel van het probleem en de oplossing. Veel boeren weten zelf al heel lang dat het huidige systeem niet houdbaar is. Als je een boer vraagt naar de bodemkwaliteit, zal hij je uitleggen dat die minder is dan een tijd geleden.’’

Wat hem steekt, is dat soms wordt gesuggereerd dat de problemen worden veroorzaakt door lapjes natuur te midden van het agrarische landschap. ,,Het lijkt nu net of het Lieftinghsbroekbos in Westerwolde het probleem is. Dat is natuurlijk niet zo, het probleem is de stikstofdeken over Groningen en Nederland. En stikstof is ook niet het enige dat in Westerwolde speelt. Er zijn plannen voor zonneparken, we moeten er iets met de waterhuishouding en de recreatie. Eigenlijk moet je de bevolking ook bij al die plannen betrekken, want je moet niet de illusie hebben dat je vanaf een tekentafel in het provinciehuis of welk ambtelijk kantoortje ook de oplossing kunt verzinnen.’’

,,We zouden eigenlijk het systeem van de biodiversiteit juridisch moeten beschermen. Maar we hebben dat in Nederland teruggebracht naar soorten en gebiedjes. En daardoor lijkt het alsof die het probleem zijn. Ik zie zo’n gebied meer als een kanarie in de kolenmijn. Het is een symptoom dat aangeeft dat er meer aan de hand is.’’

Strategisch handelen

Lobeek zucht. ,,Het punt is dat wij mensen heel goed zijn in strategisch denken, maar slecht in strategisch handelen. Daarom wint de korte termijn het bijna altijd van de lange termijn. Er is een crisis nodig om dingen te veranderen.’’

,,De hoogwatercrisis van de jaren negentig is daar een mooi voorbeeld van. Ineens werden de schouders er onder gezet en zei men: luister, dit moet fundamenteel anders. Beleid blijkt dan wel te werken. De rivier en het water kregen ruimte. We waren altijd gewend te vechten tegen het water. Nu doen we het samen met het water.’’

Er is, denkt Lobeek, in de landbouw nog een lange weg te gaan naar andere verdienmodellen. Maar die komen er wel. De milieufederatie werkt samen met andere partijen al enige tijd aan een Gronings Deltaplan voor de biodiversiteit.

Soms zijn er veelbelovende oplossingen voor lastige problemen. Lobeek noemt de veenoxidatie, waardoor delen van centraal Groningen steeds verder wegzakken. De vraag is of het waterschap door kan gaan met het peil steeds verder te verlagen voor de landbouw, zegt hij. ,,Een alternatief is het gebied vernatten.’’

En de boeren daar? ,,Ja, de grond is dan minder geschikt voor landbouw. Maar je kunt er ook energieparken op zetten. Maak van boeren energieboeren. Nog mooier: combineer dat met extensieve veeteelt. Dat vraagt een mentaliteitsverandering. Maar het uitgangspunt ‘peil volgt functie’ is op veel plekken niet meer houdbaar.’’

In beton gegoten

Groot voordeel van zonne- en windparken is volgens Lobeek dat die niet voor de eeuwigheid zijn. ,,Je kunt ze weghalen. Als over een aantal jaren blijkt dat er betere technieken zijn, ontmantel je ze weer. Dat is heel anders dan de RWE-kolencentrale in de Eemshaven. Die is zo diep in beton gegoten, die krijgen ze nooit meer weg.’’

Het aanzicht van de provincie gaat hoe dan ook veranderen door de energietransitie en ontwikkelingen in de landbouw. Tel hierbij op de woningbouw en de aanleg van wegen en bedrijfsterreinen en het is duidelijk: de slag om de ruimte is al volop bezig.

Zo hier en daar leeft het idee dat er in Groningen nog ruimte zat is. Klopt niet, aldus Lobeek. ,,Als je alles bij elkaar op telt, is Groningen te klein. Laten we elkaar niets wijsmaken: internationaal gezien is Groningen een tamelijk dichtbevolkte provincie. Dus moet je ook bij elk plan en initiatief de vraag stellen: wat doet het met het klimaat en het milieu? En met de biodiversiteit? En je moet proberen het beter te doen dan de vorige keer. Groningen zal een andere provincie zijn over twintig jaar, maar niet per se een slechtere.’’

Tags: